De wens

il y a
4 min
5801
lectures
959

"On peut tout fuir, sauf sa conscience" Stefan Zweig  [+]

Disponible en :

Niets lijkt meer op een moeder dan een andere moeder.

Een neus, twee ogen, een mond, twee benen en twee armen, een groot hart waarin je kunt schuilen, en bovendien ruiken ze lekker.

Ik heb lang geloofd dat mijn moeder op de andere moeders leek.

Toen ze me mocht komen plukken van de Kindjesboom, werd moeder slecht aangestuurd. Ik was aan de Prinsjesboom gegroeid, een boom die ze op de dag van de pluk nooit had mogen naderen.

Moeder behoort tot de orde van de Osshin. De Osshin vangen vallende sterren, dat is hun enige taak. Je zou dus kunnen denken dat het een bevoorrechte klasse is, alleen, geloof me maar, het is een uitputtend werk. Wanneer een vallende ster gevangen wordt, volstaat het immers niet haar in een kooi op te sluiten. Eerst moet ze het afleren te vallen. Zodra ze erin slaagt enigszins rustig op haar plekje te blijven zitten, moet je haar haar ontwarren, haar voeden, haar leren te gehoorzamen en ten slotte moet ze aan een leiband leren lopen, zodat ze kan worden voorgesteld aan de koninginnen van het Nihssopaleis.

Op de dag van de kindjespluk was mijn moeder helemaal buiten adem komen opdagen. Ze had waarschijnlijk te veel tijd verloren toen ze haar jurk koos; ik geef toe dat ik heb gedacht, toen ik haar de Prinsjesboom zag naderen in haar rubberlaarzen en haar jurk van madeliefjes en boterbloemen, dat ze er vreemd uitzag voor een Nihsso. Maar op haar badge stond duidelijk geschreven dat ze tot de Nihsso behoorde.

Maar eigenlijk had ze haar badge gewoon omgekeerd vastgespeld. En het omgekeerde van Osshin is Nihsso.

De bewaking had haar bijgevolg in de rij van de koninginnen gezet, en zo was ze bij de Prinsjesboom terechtgekomen.
De mama’s hebben wel duizend trucjes om hun kind uit te kiezen. Die van mij maakte heel wat grimassen, en ze koos het kind uit dat het hardst had gelachen. Ze heeft me geplukt, op haar schouders gezet, en zo zijn we samen thuisgekomen, stil maar allebei gelukkig omdat we elkaar hadden gevonden. Ze noemde me Livo.
Vanzelfsprekend ontbrak er een prins op het eind van de pluk, maar de zaak werd in de doofpot gestopt en de koningin mocht twee kinderen plukken op een boom naar keuze. Ze plukte een blond meisje met lichtbruine ogen van de Osshinboom en een jongetje van de Sampangboom, een orde die bekend staat om zijn meesterschap in de krijgskunst.
Ik vraag me vaak af hoe mijn leven er zou hebben uitgezien in een Nihssopaleis. Soms kom ik koninklijke rijspannen tegen. Er zijn zoveel paarden die de koets trekken, dat het me nooit is gelukt ze allemaal te tellen. Ik hield op bij honderdacht.

Weldra zou ik oud genoeg zijn om moeder te vergezellen als ze vallende sterren ging leveren. We hadden het er al over gehad. Zij vond het een heel slecht idee. Ze was bang dat men haar kind zou afnemen, zei ze… Of dat ik haar zou verlaten om het gouden leven van een prins te leiden. Maar dat had ze er niet bij gezegd.

In afwachting van de grote dag, leer ik de namen van de zandkorrels uit het hoofd, ik rijd op de rug van de volgzaamste wolken en ik geef de vallende sterren te eten. Mama vangt blauwe sporen in het zwart van de nacht. Ze is de enige Osshin die dat kan. De sterren zijn dol op blauwe sporen, en mama heeft gemerkt dat het ultramarijn hun haar langer laat glanzen. Natuurlijk bezitten alle sterren de gave wensen te vervullen, zelfs de vreemdste, maar de koninginnen richten zich bij voorkeur tot een erg mooie ster, alsof hun wens alleen in dat geval zou uitkomen. Daarom zijn de vallende sterren van mijn moeder heel populair bij de Nihsso, en krijgt ze er een mooi bedrag voor. Een goede vallende ster kan wel twintig zeekiwi’s opleveren. En van de zeekiwi’s maakt ze tapijten, die onze voeten kietelen.

Vanavond speelt mijn moeder op de lage fluit, die de muzieknoten laat vallen waarna ze zich in het zand begraven. Ik hoor het goed, ook al is ze buiten op de schommel gaan zitten om me niet wakker te maken. Ik weet dat ze verdriet heeft en bang is voor morgen. Want morgen ga ik met haar mee naar het paleis.
Ik zal Estellane, de jongste van de vallende sterren, aan de leiband houden. Ze is mijn favoriete ster, ik heb haar heel wat trucjes geleerd en vaak hangt ze de clown uit om me aan het lachen te maken.

***



Tijdens de plechtigheid van de wensen, stellen negen Osshin hun vallende sterren voor. Zodra we het paleis bereiken, vertrouw ik Estellane toe aan mijn moeder. Een bewaker loopt met ze mee tot bij de koningin met de twee kinderen, de koningin die mij had moeten plukken. Moeder gaat in kleermakerszit zitten en werpt me een blik toe, die ik me nog lang zal herinneren. Alle vallende sterren rollen zich in een bolletje aan de voeten van hun Osshinmeesteres. Bijna allemaal, want Estellane is heel nerveus, moeder kan haar niet tot bedaren brengen en de koninginnen beginnen hun geduld te verliezen.

Ik verstop me achter een zuil. Het begint me te spijten dat ik hiernaartoe ben gekomen, maar ik heb het gedaan uit trots, omdat ik wil zien hoe Estellane de wens van de koningin vervult. En ook omdat ik nieuwsgierig ben, dat klopt. Het kost Estellane weinig moeite om aan moeder te ontsnappen, ze komt naar me toe gelopen en rolt zich als een sjaal om mijn hals.

De koningin staat zelf op om ons te komen halen. Ze houdt me bij de hand en knijpt zo hard dat Estellane zich boos opricht op mijn schouder. De koningin laat ons vlak bij moeder zitten en beveelt ons alle drie de ceremonie niet meer te verstoren. Ze spreekt de menigte toe: ‘Het kind dat u hier ziet, is van mij. Het is de prins die men van me heeft gestolen op de dag van de pluk.

Ook dat hebben alle moeders gemeenschappelijk: ze weten alles. Moeder pakt me bij mijn schouders en drukt me stevig, maar trillend, tegen zich aan. De koningin hoeft haar wens maar uit te spreken om haar haar kind af te nemen. Estellane zal de wens verhoren, dat weet ze maar al te goed. Terwijl het geruis van haar satijnen jurk de Zaal van de Wensen vult, staat de koningin op en herneemt: ‘Dit is mijn wens…’

Precies op dat moment valt moeder in zwijm.

‘Omdat dit kind nooit een prins zal zijn, wil ik dat hij een Koning wordt in het hart van haar die hem heeft opgevoed.’

Estellane voerde toen een prachtig schouwspel op. Ze sprong tegen de zuilen, in het voorbijgaan stak ze de kandelabers aan, ze wipte op de knieën van de koninginnen en zorgde er voor dat het protocol helemaal in de war was. Ik meen opluchting te hebben gezien in de ogen van de twee kinderen van de koningin. Ik zag ook tranen staan in haar ogen toen ze me een jutezak vol zeekiwi’s kwam brengen. Ze gaf me een zoen op mijn voorhoofd. Ze rook lekker.

Niets lijkt meer op een moeder dan een andere moeder. Maar ik had niet willen ruilen. Ik wil mijn moeder houden, die rubberlaarzen draagt en met haar hoofd in de wolken, in de sterren loopt.

Ik zal niet met een prinses trouwen, ik zal geen legers aanvoeren. Ik zal opgroeien, ver van het Paleis, en ik zal ervoor zorgen dat ze me daar voorgoed vergeten.

-- Traduite par Katelijne De Vuyst

959

Vous aimerez aussi !

Très très courts

Le grand passage

Brune Hilde

Tu descendras de l’autobus, puis tu feras un signe au chauffeur. Il démarrera en te renvoyant timidement un sourire ; ta beauté le fascinera tellement qu’il en sera presque paralysé. Puis... [+]